Ieder jaar probeer je vakantiefoto’s zo mooi mogelijk te maken. Maar iedereen kent de tegenslagen die daarbij voorkomen. Overbelichte foto’s, te donkere foto’s, een camera die ermee ophoudt, noem maar op. Maar als je onderstaande tips in acht neemt, kun je dit jaar rekenen op een album vol kunstige kiekjes.
Er zijn een aantal dingen die je voordat je op vakantie gaat al kunt doen voor een beter resultaat. Zoek bijvoorbeeld uit hoe je camera precies werkt. Als je op een bepaald moment heel snel een foto van iets wilt maken, is het handig dat je niet eerst hoeft te zoeken naar de goede knoppen en instellingen. Zoek dus uit welke stand je het best kunt gebruiken als het schemert en ook wanneer het juist heel licht is. Neem ook genoeg voor je camera geschikte batterijen mee, je weet nooit of die in het land van bestemming wel te koop zijn. Het is zonde om er op de helft van de reis achter te komen dat je vanaf dat moment geen foto’s meer kunt nemen omdat je batterijen op zijn.
Als je naar een niet-Westers land gaat is het handig om te weten waar camera’s wel en niet gewaardeerd worden. Het kan heel leuk zijn om in een dorpje plaatjes te schieten, maar het is natuurlijk niet je bedoeling om de plaatselijke bevolking boos te maken. Ook in kerken of op bijvoorbeeld militair terrein kan het verboden zijn om te fotograferen.
In een ander land heb je vaak de neiging om alles wat je ziet op de foto te zetten. Dat geeft een onrustig gevoel, alsof je je camera geen moment weg kunt stoppen. Om dit tegen te gaan kun je een thema of meerdere thema’s verzinnen waarbinnen de onderwerpen van je foto’s passen. Bijvoorbeeld: religie, lokale bevolking of dieren. Dit geeft rust in je hoofd en is ook leuk bij het bekijken van je uiteindelijke foto-album. Onthoud: je kunt toch nooit álles fotograferen wat je ziet.
De volgende checklist dient als geheugensteuntje om de tips te onthouden:
- ken je camera
- neem batterijen mee
- test je camera voor de juiste instellingen
- zoek uit waar het wel en niet gepast is om foto’s te nemen
- kies één of meerdere thema’s voor je foto’s
Tot slot hebben we nog een aantal praktische fototips die je altijd kunt gebruiken:
Anticipeer
De meeste digitale camera’s hebben nog een kleine vertraging. Probeer daarom te anticiperen en druk net ietsje eerder af dan je gewoonlijk zou doen.
Experimenteer eens met de flits
Als je buiten fotografeert en het licht komt vanachter je object, gebruik dan de flits. Maar probeer ook eens te flitsen als je denkt dat het niet nodig is. Vooral buiten kan ‘expres’ flitsen leiden tot verrassende resultaten.
Tegen de zon in?
Probeer nieuwe invalshoeken en experimenteer met je camera! Slechte foto’s kosten immers niks extra. Dus hoezo, de zon moet in de rug? Je kunt in sommige gevallen best tegen de zon in schieten, bijvoorbeeld als je de flits gebruikt. Of probeer eens om half tegen de zon in te fotografen en maak een beetje schaduw met je hand. Het effect is verbluffend!
Het mooiste licht
De eerste uren na zonsopgang zijn het mooist. Dus zet die wekker en ga vroeg uit bed! Of blijf eens langer liggen, want ook het licht vlak voor zonsondergang geeft fraaie resultaten.
Voorkom grote lichtverschillen
De beeldsensor van een digitale camera kan over het algemeen geen grote verschillen in lichtintensiteit overbruggen. Probeer daarom foto´s te maken die óf geheel in de zon zijn óf helemaal in de schaduw.